NTSV vzw: WAT VOORAFGING

HyppolyteWoutersHippolyte Wouters

Het duplicate scrabbelen zoals wij dit nu kennen is eigenlijk een uitvinding van ene Hippolyte Wouters. Deze speelwijze werd in Wallonië razend populair, en schoorvoetend deed ook deze speelwijze haar intrede in Vlaanderen. Het was rond 1976 dat hier en daar een clubje werd opgericht. Het duplicate scrabbelen werd beetje bij beetje een zinvol prettig, sociaal en leerrijk tijdverdrijf.

In Brugge, Sint Niklaas, Koksijde, Oostende, Oostkamp, Tielt, Dendermonde ontstonden scrabbleclubs en de eerste interclubs, toen nog 'Belgische Kampioenschappen' genoemd, lokten begin jaren 80 reeds 60 à 80 deelnemers;

Stilaan groeide de noodzaak om zich te verenigen in een overkoepelende federatie. Grote initiatiefnemers in die tijd waren Prudent Vyncke uit Brugge en Maurits D'Hollander uit Sint Niklaas. Het grote struikelblok in de eenmaking was het fameuze 'gew' wat stond voor 'gewestelijk' in de Dikke Van Dale die toen al het basiswerk was van alle scrabbelaars. Deze term betekende eigenlijk 'Vlaams' of 'Belgisch' of 'Zuid-Nederlands' wat eigenlijk allemaal hetzelfde is. Sommige taalpuriteinen van vooraanstaande scrabbleclubs uit die tijd hadden toen al deze woorden verboden. Typisch Vlaamse woorden, zoals: resem, afbieden, frigo, keikop, metsen, selder, gazet, kerselaar, stiel, zeveren, autostrade, valling, epistel en het volgens velen het mooiste Vlaamse woordje goesting werden geweerd.

In die tijd ontpopt Hub Moonen zich als scrabbleambassadeur van Vlaanderen. Het is mede dank zij Hub Moonen en Maurits D'Hollander en ook door de commotie in de Nederlandse scrabblewereld, dat de fabrikant van de scrabbledoos terugkwam op hun beslissing om het Y-blokje te vervangen door het IJ-blokje. Ondertussen groeide het circuit en in Sint-Pieters-Leeuw, Tessenderlo, Haren, Putte, Herzele, Boechout, Jette, Evere, en Ronse ontstonden scrabbleclubs.

Tussen de voor- en tegenstanders van de gewestelijke woorden groeide een haast onoverbrugbare kloof. De polemiek rond het al dan niet goedkeuren van gewestelijke woorden, rukte scrabbelend Vlaanderen uiteen. Anno 1992 leidde dit tot de oprichting van 2 overkoepelende organisaties. Langs de ene kant het VSF (Vlaamse Scrabblefederatie) met als voorzitter Jos Van Garsse en langs de andere kant het NTSV (Nederlandstalig Scrabbleverbond). Deze verdeeldheid vertraagde de realisatie van een goede structuur in de Vlaamse scrabblewereld. Onder impuls van Joachim De Coster en Monique Verhé uit Brugge, Antoon Van Daele uit Oostkamp, Filip De Cock uit Koksijde, Herman Van Den Abeele en Omer Van Hoecke uit Gent en tot slot Bertrand De Bouvere uit Heist, waarbij Bertrand als voorzitter werd aangesteld, werden in de eerste maanden druk vergaderd en gewerkt om dit nieuwe verbond te structureren. Er moesten statuten en een huishoudelijk reglement worden opgesteld, wat niet zo voor de hand liggend is, en op 13 februari 1992 verschenen deze statuten in het Belgische staatsblad. Vanaf dat ogenblik was het NTSV als vzw een officieel erkend scrabbleverbond. De verstandhouding binnen het bestuur was optimaal en er kwamen geleidelijk nieuwe clubs bij.

In januari 1993 verscheen het eerste ledenblad als voorloper van de huidige Woordenaar. En in september 1994 de eerste officiële scrabblewoordenlijst de SWL met alle toegelaten woorden tot en met 8 letters.

Ondertussen liep het bij het VSF niet zoals verwacht en mede door het idee van Hub Moonen om ook de litteraire, dichterlijke, verouderde, archaische, Bargoense en Jiddische woorden te schrappen, stapten enkele clubs over naar het NTSV vzw, en uiteindelijk was de hereniging in 1995 een feit. Eén club echter was er niet meer bij... Lexicon Brussel, de club van Hub Moonen... spijtig.

© 2015